Kuttekoven, Dokkum en de rechtsstaat

Vorige week zaterdagochtend sloegen de vlammen uit een kerkje in Kuttekoven, een plaatsje in België een paar kilometer van de grens met Nederland. Vreemd genoeg was de kerk aangestoken door leden van de geloofsgemeenschap uit dit plaatsje met deze ludieke naam. De aanleiding voor deze vurige daad was gelegen in het kruisbeeld dat er onlangs was opgehangen. In dit beeld was een cruciale figuur die normaal gesproken het lijdende voorwerp is in dit soort uitingen, vervangen door een dode koe. Dit ging sommige gelovigen te ver en na enkele mislukte pogingen tot inbraak dacht men: ’dan maar de fik erin’. De kunstenaar die dit beeld had ontworpen had nog gezegd dat hij het christendom niet belachelijk wilde maken en de dode koe erin was geplaatst als protest tegen de wijze waarop wij met dieren omgaan. Eigenlijk wilde hij met zijn beeld vormgeven aan de gedachte dat het lijden van christus en dat van de dieren elkaar niet zo veel ontloopt. Overigens gaat die vlieger niet helemaal op want daar waar het dier meestal na een paar dagen in stukjes op het bord verschijnt, herrees christus vrij snel na zijn lijdensweg om eerst zijn discipelen de stuipen op het lijf te jagen en daarna zijn plek in de eeuwigheid op te eisen. Maar goed, een kniesoor die daarop let.

Diezelfde ochtend stond een paar honderd kilometer verderop ergens in de buurt van Joure een stel mannen op de snelweg. Ook zij waren verontwaardigd en hadden besloten dat er wat recht te zetten was. Hun doelwitten waren de anti-zwartepietdemonstranten op weg naar Dokkum. Achteraf zouden deze vlerken verklaren dat zij ‘die gekkigheid uit de Randstand hier niet wilde hebben’. Ik ken de Friese ziel een beetje en heb er wel enige sympathie voor. Laten we eerlijk zijn, ze hebben in Dokkum ook nog wel wat goed te maken als het over bisschoppen gaat. ‘Gekkigheid uit de Randstad’ tegenhouden ligt sowieso gevoelig bij deze ooit woeste maar al eeuwen getemde krijgers uit het Noorden. In1520 stierf Grutte Pier, de laatste Fries die daar nog enigszins succesvol was. Daarna is het nooit meer wat geworden.

Beide incidenten lijken op elkaar. Er was toestemming van het bevoegd gezag om de mening te uiten, anderen die aanstoot namen aan die mening verhinderden dat, het bevoegd gezag keek toe en vergoelijkte dat met smoezen als ‘onwetendheid’ en ‘de openbare orde’. Vooral de lankmoedige houding van de gezagsdragers is kwalijk, daarmee hebben zij aan gezag ingeboet en de rechtsstaat verzwakt. Een rechtstaat die anders dan de op de woeste golven van empathie en verontwaardiging deinende publieke opinie, uitgaat van rationaliteit en een rechtstraditie met daarin eenduidige toegepaste waarden en normen.

Dat het is gelukt om te verhinderen dat lieden koeien in een kerk aan het kruis hangen of met hun mening een kinderfeest verstoren is een pyrrusoverwinning. Daar zijn er al meer van geweest. Neem bijvoorbeeld het gedreutel van de autoriteiten bij de gewelddadige protesten tegen de opvang van vluchtelingen in sommige dorpen. Elke keer als de rechtsstaat het onderspit delft in die confrontaties met de mestvorken en hooiharken van het gepeupel, verliest deze kracht en zijn dienaren gezag. Dat is een slechte zaak want uiteindelijk heeft iedereen baat bij een goed functionerende rechtstaat. Door die te beschadigen, ook al is dat voor een ogenschijnlijk goede zaak, verzwakken we één van de belangrijkste pijlers die onze samenleving tot een beschaafde maakt.

Erichem, 27 november 2017

Roofdieren voor de klas

Juffrouw Hardonk was een onaantrekkelijke verschijning. Haar gepermanente haar, gebreide mantelpakjes en gehoornde bril met jampotglazen op haar vette neus maakten haar jaren ouder dan zij toen moet zijn geweest. Juffrouw Hardonk was een nare vrouw met een kort lontje, duldde geen tegenspraak en zag haar autoriteit constant bedreigd door 9-jarige snuiters. Regelmatig liep bij haar de emmer over en ontstak zij in grote woede. Het vadsige lijf kwam dan in actie, sleurde een kind uit de schoolbanken en met een de souplesse die ik alleen nog maar in de nachtelijke gevechten van Casius Clay had gezien, haalde zij meerdere keren vernietigend uit naar het hoofd, de billen of de buik van het weerloze slachtoffertje. Wanneer haar perverse behoeften waren bevredigd liep zij het lokaal uit. Een sidderende klas, een huilend kind en omvergeworpen schoolmeubilair achter zich latend.

Maar juffrouw Hardonk was nog niet eens de ergste psychopaat op deze school. Die titel gaat naar meester de Baat. Deze hellehond werd gevreesd door alle kinderen. Was juffrouw Hardonk nog enigszins voorspelbaar, meester de Baat was volstrekt onberekenbaar en vele malen gemener. Ik probeerde meester de Baat zo veel mogelijk te mijden, maar dat bleek onmogelijk. Als een hongerig roofdier zocht hij naar zijn prooi en op een dag viel zijn oog op mij. Om redenen die mij tot vandaag onbekend zijn haalde hij mij na het buitenspelen uit de keurig geformeerde rij, zette mij in een hoek van de gang en dwong alle kinderen uit mijn klas mij te schoppen. Het merendeel van de kinderen durfde hem niet te trotseren en voerden zijn opdracht uit. Nadat tientallen kinderen mij hadden geschopt maakte hij het af met een keiharde vuistslag in mijn lies. Dat had hij beter niet kunnen doen. Er vormde zich een enorme blauwe plek die een paar dagen later door mijn moeder werd opgemerkt. Zelfs voor het milieu waar ik ben opgegroeid, waar men er voor wat betreft geweld tegen kinderen een losse moraal op na hield, was dit te gortig. Nadat mijn vader eerst juffrouw Hardonk voor het oog van de kinderen verrot had gescholden en daarna meneer de Baat voor de klas bijna in elkaar had geslagen werd ik van school gehaald en op een andere school geplaatst. Voor mijn ouders en de school was daarmee het probleem opgelost. Hardonk en de Baat waren publiekelijk door mijn vader vernederd en hij had daarmee zijn gram gehaald. De school was al lang blij dat het hierbij was gebleven.

Nog beduusd van de gebeurtenissen werd ik op de nieuwe school hartelijk verwelkomd door meester K. Een joviale man van rond de 30. Halflang blond haar, lang, slank, een schaterende lach en vooral zachtaardig. In niets leek hij op de monsters van de andere school. Maar al snel had ik in de gaten dat er ergens iets niet klopte. Meester K. was wel heel erg joviaal en handtastelijk. Dagelijks nam hij een jongetje op schoot en uren achtereen betastte, knuffelde, zoende en kriebelde hij dat kind. Dat deed hij gewoon voor de klas, achter zijn bureau. De rest van de kinderen keken er niet van op en gingen door met hun werkjes alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Als nieuw prooidier probeerde hij het ook met mij. Op een dag pakte hij mij beet en probeerde mij op zijn schoot te trekken. Geluk bij een ongeluk was ik kopschuw geworden door mijn eerdere ervaringen met leraren. Ik rukte mij uit zijn omhelzing los en rende weg. Daarna heeft hij het niet meer geprobeerd. Niet lang daarna nodigde hij mij uit om na school een keer mee te gaan zwemmen, samen met het jongetje dat dagelijks bij hem op schoot zat. Hoewel ik aarzelde won de trots dat de meester mij hiervoor vroeg, het van de argwaan. In het zwembad hield ik afstand van hem, het jongetje niet. Ik weet niet of meester K. echte pedoseksuele handelingen heeft verricht maar het voordeel van de twijfel krijgt hij niet van mij. Over de schade die hij heeft aangericht bestaat geen twijfel. Een paar jaar geleden sprak ik het jongetje dat nu een volwassen man is. Als meester K. niet al eerder aan kanker was overleden had hij hem wel naar zijn eeuwige rustplaats begeleid. De gevoelens van woede en schaamte waren na al die jaren nog steeds niet gesleten.

Na een relatieve rust op de MAVO, waar men een lerarenkorps bij elkaar had gescharreld dat succesvol mee had kunnen doen met een absurdistische Monty Python sketch maar verder redelijk fatsoenlijk was, ging het op de HAVO weer mis. Ik zal zijn echte naam niet noemen, maar wij noemden hem Fox. Hij bekleedde een belangrijke functie en als er stront aan de knikker was, dan kwam Fox. Hij was een jaar of 55 zag er onberispelijk uit, had iets vaderlijks en eigenaardigs. Als hij met je sprak ging hij dicht tegen je aanstaan en verdween zijn hand onder je overhemd. Zo maar, zonder enige aanleiding of waarschuwing. Zijn hand bewoog dan rustig over je blote rug, je buik, je borst, ondertussen keek hij je recht in de ogen en praatte gewoon door alsof er niets aan de hand was. Ik was onthutst toen het mij voor de eerste keer overkwam. Bij navraag bleek dat hij dit bij meerdere jongens deed, nooit bij meisjes. Het gevolg was dat als Fox in de buurt kwam alle jongen hun overhemd stevig in hun broek propten en truien strak langs het lijf werden getrokken. Voor Fox maakte dat niet uit, die friemelde net zo lang tot hij een gaatje had gevonden en zijn gulzige hand over het jonge jongensvlees kon laten glijden.

Op meester K. na, die is verteerd door de kanker, hebben alle personen in dit stukje hun pensioengerechtigde leeftijd in het onderwijs gehaald. Van meester de Baat weet ik dat hij nog jaren lang kinderen heeft mishandeld. Juffrouw Hardonk had nadat de Baat met pensioen was gegaan haar leven gebeterd en is uiteindelijk als een geliefde juf met pensioen gegaan. Van Fox weet ik het niet, hij zal wel op zijn pootjes terecht zijn gekomen.

Laatst zag ik een documentaire over Jimmy Saiville, een van de grootste roofdieren allertijden. Na zijn dood kwam uit dat dit heerschap in zijn tijd als presentator van Top of The Pops en vedette bij de BBC duizenden piepjonge kinderen en jong volwassenen had misbruikt. Alle grootheden uit de jaren 70 en 80 hebben het geweten. We hebben het dan over The Rolling Stones, The Beatles, U2, David Bowie. Allemaal mensen die wel wisten wat er mis was met de maatschappij, maar voor Jimmy sloten zij de ogen of keken zij de andere kant op. Een uitzondering hierop was Johnny Rotten van de The Sex Pistols, maar die nam toen niemand serieus.

Met Jimmy vergeleken zijn de roofdieren uit mijn tijd klein bier. Maar ook zij hebben de ruimte gekregen om een leven lang kinderen te misbruiken en mishandelen. Die kregen zij van schoolbesturen, collega’s en ouders die de gedragingen bagatelliseerden of domweg negeerden. Pas jaren na zijn dood hoorde ik de eerste geluiden over ‘het achteraf toch wel vreemde gedrag van meester K.’ in de gesloten gemeenschap waar ik ben opgegroeid. Van meester de Baat bleek bekend te zijn geweest dat hij in de oorlog in een Jappenkamp had gezeten. Men wist dat rond mei de stoppen bij hem doorsloegen maar er was niemand die het hem belette om dit op de kinderen uit te leven. Van Hardonk was bekend dat voordat zij op die school kwam werken, geschorst was geweest als lerares. Toch stonden zij zonder supervisie voor de klas en kregen alle gelegenheid om hun kinderhaat in de praktijk te brengen. Achteraf gezien is het diep triest dat het leed van al die kinderen voorkomen had kunnen worden als er iemand het lef had gehad om de kat de bel aan te binden.

We zijn nu 40 jaar en vele misbruikschandalen verder. Ik vraag mij wel eens af, zou dit nu ook nog voor kunnen komen? Ik maak mij geen illusies, roofdieren zijn van alle tijden, blindheid ook.

Erichem, 10 november 2017

Zum kotzen

Wat niet meer dan een rimpeling in het politieke ruimte-tijdcontinuüm zou moeten zijn, had zich in mum van tijd ontwikkeld tot een orkaan van ongekende kracht. Althans op de borrelen van de bekende onderbuikvullers als het AD en de Telegraaf, de rechts-radicale shockblogs als GeenStijl en The Post Online en natuurlijk bij de oerfascisten van het Forum voor Democratie en de PVV. Er was een documentaire gemaakt over Jesse Klaver die zou worden uitgezonden door BNN/VARA. Deze omroep had na de ondergang van de huispartij, de PVDA, een nieuwe partner gezocht om haar verlichte boodschap aan de man te brengen en was bij het fenomeen Jesse Klaver terecht gekomen. De documentaire was gemaakt door een vriend van Jesse. Dat was voor de omroepbazen geen punt geweest. Zij waren wel gewend dat prominenten van de afgedankte huispartij andere prominenten van die partij aan de tand voelden. Dat was nooit een probleem geweest omdat de aangeboren drang tot zelfvernietiging in die partij garant stond voor spraakmakende tv.

Maar de tijden zijn veranderd en na een uitgekiende campagne van de rechtse bullebakken die niet twijfelden maar wisten dat deze vriend van Jesse van ‘onze centen’ een propagandafilm had gemaakt, besloot BNN/VARA (of was het de netmanager) af te zien van uitzending. Overigens had niemand het ongetwijfeld professioneel in elkaar geknutselde werkje nog gezien. Ik vond het allemaal sterk overdreven. Wie zegt dat vrienden die beiden als professional hun werk doen niet kritisch op elkaar kunnen zijn? Waarom zou je hen niet het voordeel van de twijfel geven en pas achteraf een oordeel vellen als je de documentaire hebt gezien?

Veel kwalijker vond ik de inhoud van de documentaire. Er blijkt gefilmd te zijn bij de uitvaart van Jesse’s moeder. Ik moet er bij zeggen ik heb het niet gezien maar in verschillende publicaties gelezen. Afgezien van het feit dat dit ongetwijfeld allemaal smaakvol en integer in beeld zou zijn gebracht huiver ik bij de gedachte dat een politicus zich hiervoor leent. Sowieso had ik al bedenkingen bij de manier waarop Klaver zijn half Marokkaanse afkomst, zijn odyssee door het onderwijsbestel en zijn eenvoudige edoch wijze opa gebruikte voor zijn politieke gewin. Deze personalisatie van het gedachtengoed en het koketteren met het martelaarschap zou je eerder bij een Amerikaanse presidentskandidaat verwachten en we weten allemaal hoe Groen Links zich verhoudt tot onze Atlantische vrinden. Maar goed, om Barry Hay te citeren: ‘there is no such thing as perfect paradise’. Dus ik nam het voor lief en de resultaten bij de verkiezingen bleken navenant goed te zijn.

Overigens over Barry Hay gesproken. Ik heb onlangs zijn biografie gelezen. Een alleszins leesbaar boek waarin zijn afkomst, zijn familie (die niet al te prettig was) en zijn leven als rockstar zijn beschreven. Jammer dat de link met mijn familie er niet in genoemd werd. Barry kwam namelijk geregeld kreeft bij mijn vader kopen. ’s Avonds vertelde mijn vader dan ‘dat die vent van de Golden Earring was geweest en weer een andere meid bij zich had, ook weer zo’n mager scharminkel’.

Het beeld dat van Barry in deze biografie wordt geschetst is er een van een naïef jongetje dat een groot deel van zijn leven in de snoepwinkel van seks, drugs en rock ‘n’ roll heeft doorgebracht en uiteindelijk door een krachtige vrouw op het goede spoor is gezet en gehouden. Een oprecht verhaal, zonder de valse rockstarheraldiek. Een schril contrast met hoe Klaver zijn afkomst en levensverhaal gebruikt om de status van de linkse Messias op te eisen.

God zij dank is de uitzending van de documentaire geschrapt en blijven mij de beelden bespaard van een Jesse Klaver die het laatste overgebleven kopje van het trouwservies van zijn moeder voorzichtig in een kartonnen doos propt, in de camera kijkt en met betraande ogen, zachte stem en soft focus de oorsprong van zijn passie en idealen nog eens aan de kijker toelicht.

De kotszakjes kunnen weer terug in de kast.

Den Haag, 28 augustus 2017

Wat vrouwen niet mogen

Ik twijfel er soms aan of ik ze allemaal nog wel op een rijtje heb. Ik vraag mij op die momenten af, dit is toch wel 2017? Of word ik straks wakker en lig ik in mijn berenvel in een lekkende plaggenhut naar mijn harige egate staren die zojuist ons 5de jong eruit heeft geperst? Dit is toch de wereld waarin gelijkheid, vrijheid en medemenselijkheid de belangrijkste waarden zijn? Vandaag las ik de krant twee stukken die het vertrouwen in mijn psychische gesteldheid ernstig deden wankelen. Beide gingen over vrouwen. In het eerste stuk werd melding gemaakt van de dreigende breuk bij de Vrijgemaakte Gereformeerden. Het dispuut gaat over de vraag of vrouwen ook mogen prediken. De synode van dit illustere gezelschap heeft besloten dat een vrouw op de kansel moet kunnen. Een deel van hen heeft de Bijbel er nog eens op na gelezen en is tot de conclusie gekomen dat de apostel Paulus, de bekeerde christenvervolger uit het nieuwe testament, dit uitdrukkelijk heeft verboden. Deze misogyne verkondiger van het Woord Gods was volstrekt helder over zijn vrouwenhaat. In 1 Kor 14 34-35 is zijn hatelijke retoriek beschreven: ‘Laten uw vrouwen in de gemeenten zwijgen. Het is hun immers niet toegestaan te spreken, maar bevolen onderdanig te zijn, zoals ook de wet zegt. En als zij iets willen leren, laten zij dat dan thuis aan hun eigen man vragen. Het is immers schandelijk voor vrouwen om in de gemeente te spreken’.

Gelukkig heeft na ruim 2000 jaar het merendeel van de synode ingezien dat je niet alles van Paulus moet geloven. Echter ergens in Groningen is een klein dorpje dat stand houdt. Ruim 600 diep gestoorde gelovigen houden vast aan de vrouwenhaat van Paulus en dreigen nu met een breuk. Overigens telt de Vrijgemaakte Geformeerde sekte 118.000 leden. De dissidenten vertegenwoordigen dus maar 0,5% van het totale ledenbestand, je kunt je afvragen waarom dit de landelijke pers haalt. Die vraag is niet zo moeilijk te beantwoorden. Het past in een bredere christelijke traditie. Een andere loot aan de boom van het Ware Geloof is het katholicisme. U weet wel waar die aardige Paus de baas is, die vluchtelingen de voeten kust en in ter meerder glorie van de armen en vertrapten van deze aarde een houten kribbe slaapt. Deze lieverd heeft onlangs nog bekrachtigd dat vrouwen uitgesloten blijven van priesterschap. Hij heeft dit als volgt onderbouwd: er zijn nog nooit vrouwelijke priesters gewijd; hij kan de procedures (sacramenten) die al eeuwen zo zijn (en waarschijnlijk door God zelf bedacht) niet veranderen en als klap op de vuurpijl: Jezus had ook geen vrouwen als apostel. Mijn twijfel sloeg om in absolute zekerheid. Ik leef niet in 2017. Ik ben psychotisch en als ik mijn zintuigen straks weer grip op de realiteit hebben gekregen dan zie ik mijn uit haar bek stinkende gebochelde metgezel de pisemmer van de nacht legen in het langs het huis kronkelende beekje. Die weerzinwekkende gedachte bracht mij vreemd genoeg enige vertroosting.

Het tweede stuk ging over de geschiedenis van het vrouwenvoetbal. Ook dit is een verhaal van uitsluiting en de waanzinnige rechtvaardigingen daarvan. Van verzakkende baarmoeders door te veel lichamelijke inspanning tot de teloorgang van het gezin door de afwezigheid van de moederhand. Die tijd lijken we gehad te hebben. Hoewel in 1992 weigerde een scheidsrechter een wedstrijd te fluiten omdat hij voetballende vrouwen geen gezicht vond en Sepp Blater riep in 2004 de vrouwen op om strakkere broekjes te dragen, daar zou het spel een stuk attractiever van worden.

Vrouwenvoetbal is tegenwoordig populairder dan ooit, althans bij vrouwen. Mannen blijken weinig op te hebben met de voetballende vrouwen. Ze vinden het niveau te laag en kijken er amper naar. Terwijl diezelfde mannen wekelijks naar middelmatige voetballers zitten te kijken die voor tonnen op de begroting van hun veelal zieltogende clubjes staan. Voor de talentvolle vrouwen die op het bijveldje hun kusten vertonen en met een spreekwoordelijke boekenbon worden afgescheept is geen aandacht. Dat is gek, want als je Barcelona of Bayern hebt zien spelen zijn de voetballers in de Nederlandse competitie toch echt stumpers. Toch is het niet zo dat hele horden voetballiefhebbers wekelijks naar Spanje of Duitsland afreizen om te genieten van het echte superieure voetbal. Zij nemen genoegen met het inferieure, narcistische zooitje dat op de Nederlandse velden staat. Waarom gaat dat dan niet op als het over vrouwen gaat? Ik vrees dat het antwoord simpel is: het zijn vrouwen en vrouwen kunnen nu eenmaal niet zo goed voetballen als mannen. Dat dit niets te maken heeft het vrouw-zijn en alles met het feit dat zij na jaren van uitsluiting een achterstand hebben in de ontwikkeling van hun sport lijkt er niet toe te doen. Overigens bezuinigen alle eredivisieclubs wegens gebrek aan belangstelling op het vrouwenvoetbal, dus die achterstand zal niet ingelopen worden.

 De eerdere troost veranderde in angst. De angst dat dit toch echt 2017 niet is. Dat ik echt in de ban van wanen en hallucinaties ben en als ik weer bij zinnen ben gekomen, mijn berenvel rechttrek en samen met m’n matties eerst een holebeer ga doodknuppelen en dan bij de stam een paar kilometer verderop ga kijken of er nog wat te neuken valt. Dat er helemaal niets is gebeurd en de hele vooruitgang een illusie blijkt te zijn die zich alleen in mijn eigen verwarde geest heeft voortgedaan.

Erichem, 14 juli 2017

Handleiding voor de beginnende activist

Ik volg ze allemaal op Twitter, antiracisten, feministen, anti-globalisten, anarchisten, atheïsten, rechts-radicalen noem ze maar op. Ik geniet van al die draadjes waarin zij elkaar bekrachtigen, overtroeven en tegenstanders op vaak hilarische grove wijze van hun tijdlijn blazen. Het lijkt allemaal heel modern maar wat zij doen is al van alle tijden. De oude Grieken wisten het al het gaat om geloofwaardigheid (ethos), emoties (pathos) en rede (logos) en noemden dat de retorica. De kunst van het overtuigen. Velen op internet proberen het en falen jammerlijk. Zij denken geloofwaardigheid te verkrijgen door hun eigen alledaagse waarheidjes te spuien door op de verkeerde momenten hun emoties ten toon te spreiden en werkelijk te geloven dat eerlijkheid het langste duurt. Voor hen heb ik deze handleiding geschreven.

Geloofwaardigheid (ethos)

Zonder deze pijler onder uw activisme bent u als een boom zonder wortels die bij de geringste tegenwind tegen de vlakte slaat. Veranker uw geloofwaardigheid in bestaande maatschappelijke misstand en het daarbij behorende isme. U kunt zelf een isme verzinnen, maar daar zou ik mij als beginnend activist niet aan wagen. Trouwens er zijn er genoeg en voor ieder wat wils. Waarom moeilijk doen als het makkelijk kan?

Kies een isme dat bij u past (er zijn lijstjes op internet te vinden) en – dit is heel belangrijk – eentje waarmee u het isme van uw tegenstander in diskrediet kunt brengen. Hebt u een hekel aan antiracisten en feministen? Ga dan niet bazelen over ‘onze cultuur’, dat is veel te vaag. Verzin iets concreets, bijvoorbeeld dat deze clubjes een culturele elite vormen die de gewone hardwerkende man hun wil opleggen en voilà u hebt een -isme te pakken, het elitarisme.

Emoties (pathos)

Aan alleen een geloofwaardig verhaal heeft u niets. Uw boom der waarheid staat immers in een bos met vele andere bomen. U zult zich moeten onderscheiden, uw boom moet het stralende middelpunt worden. Groots en met een immens bladerdak dat de zon voor de anderen verduistert.

Begin bij het martelaarschap. Dat betekent niet dat u gelijk dood moet, die optie is er altijd nog als uw boodschap is aangeslagen en u een groot aantal volgers heeft. Leg de nadruk op uw persoonlijke lijdensweg. Overdrijf uw eigen lijden en hoe u zich gedwongen voelde om op te staan tegen dit onrecht. Vertel hoe u zich in uw leven vernederd en geknecht heeft gevoeld maar toch uw idealen trouw bent gebleven, ook al heeft u die gisteren pas verzonnen. Het doet er niet toe. Het gaat tenslotte om uw geloofwaardigheid en niet om de waarheid. Dan ontpopt zich de Messias die u nu eenmaal bent. U neemt uw volgers spreekwoordelijk mee naar het moment waarop u bent opgestaan en tot het besef gekomen dat u degene bent die het onrecht moet bestrijden Dat zou u natuurlijk liever niet doen maar de nood is te hoog. Toon uw woede over al dit onrecht en laat een traan over de gevolgen waar u en uw volgers onder lijden. Misschien ervaren uw volgers die gevolgen nog niet zo. Dat is aan het begin van uw activisme nog geen punt, u pepert ze er gewoon dagelijks in bij uw volgers. U vergroot ze uit en als het u uitkomt verzint u er gewoon een paar bij die plausibel klinken. Vervolgens vertelt u gloedvol verhaal over de betere wereld die u nastreeft en waarin het specifieke onrecht niet meer voorkomt. Maak grote gebaren en gebruik gezwollen taal met veel metaforen. Laat uw volgers hunkeren naar die nieuwe wereldorde en beseffen dat de anderen die willens en wetens in de weg staan.

Hebt u dit goed neergezet, dan kunt u een stapje verder gaan. Het onrecht en het lijden dat u en uw volgelingen wordt aangedaan rechtvaardigen dat u degenen die dat doen eens stevig de oren wast. Nu kunt u naar hartenlust de anderen voor schut zetten, beledigen en uitschelden. Houdt u zich vooral niet in u wordt er alleen maar sympathieker van in de ogen van uw volgers.

De rede (logos)

Uw boom staat, uw uitbundige kleurrijke bladerdak ritselt oorverdovend in de wind. Echter die bladeren moeten wel ergens aan vast zitten. Dat is de rede, die legt de verbinding tussen uw geloofwaardige boodschap en de emotie waarmee u die vertelt.

Dé grote fout die hier vaak wordt gemaakt is dat men denkt dat de rede iets te maken heeft met waarheid en feiten. Als u bijvoorbeeld werkelijk denkt dat u met het ware verhaal over de herkomst van zwarte piet de discussie kunt beslechten zit er echt een steekje bij u los. De rede in de retoriek van de activist is niets anders dan een logisch klinkend verhaal dat bij voorkeur niet is te objectiveren. Denk dan aan de ‘witte bubbel’, ‘de islamisering van Nederland’ of ‘de boze witte man’. De logos lijkt niet zo belangrijk als de pathos of de ethos, maar onderschat u hem niet. Uw volgelingen mogen u dan wel als hun Messias zien en hunkeren naar de utopie die u hen heeft voorgehouden, ze zijn niet allemaal dom. U moet dus een logisch en consistent verhaal hebben, waarmee u uw boodschap onderbouwt. Dat u dit verhaal bij elkaar heeft geflanst met halve waarheden, verbanden heeft gelegd die nauwelijks zijn of die u zelf heeft verzonnen doet er niet toe. U kunt er vergif op innemen dat uw tegenstanders u hierop zullen aanvallen, laat ze! Het is uw waarheid en ondertussen ook de waarheid van uw volgers geworden. Trouwens wie gelooft uw tegenstanders nog?

En dan komt de dag dat u merkt dat u een reputatie heeft. Al uw noeste arbeid heeft vruchten afgeworpen. Uw boom staat fier in het uitgedunde bos. Bespeel nu uw aanhangers en opponenten. Uit steeds extremere meningen waarvan uw volgers smullen en uw tegenstanders walgen. Blijf ze een stap voor laat ze op ú reageren, hun opwinding voedt uw reputatie en macht. Irriteer hen, zorg dat zij hun zelfbeheersing verliezen. Hun felle reacties zullen uw waarheid bevestigen. Kijk maar eens naar de reacties op de antiracisten en feministen en hoe zij hierin hun gelijk menen te zien. Dan beïnvloedt u de opinie niet langer, nee u maakt zelf de opinie!

De enige die u nu nog kan bedreigen bent u zelf. Ga niet echt geloven in u eigen grootsheid en retoriek. Hoewel het in eerste instantie door uw volgers zal worden toegejuicht als u dat wel doet, zullen zij u op de lange duur als een baksteen laten vallen als u zich als een zonnegod gaat gedragen. Sus uw geweten, mocht dit ooit opspelen omdat u niets vermoedende individuen of groepen heeft belasterd met u retoriek. Maak u zelf wijs dat u dit doet voor de rechtvaardige strijd en ja daarbij vallen soms onschuldige slachtoffers. Want als je ergens niets aan hebt als activist, dan is het wel een geweten.

Erichem, 8 juli 2017

Het is hier onveilig……

Column geschreven voor de nieuwsbrief van het adviesbureau Bosman & Vos

Dit hoor ik geregeld in teams en soms is dat ook zo. Er zijn situaties waarin mensen worden gepest, fysiek bedreigd of geïntimideerd. Echter veel vaker is het gevoel van onveiligheid niet op de realiteit gebaseerd, het gevaar is er immers niet. Het is een vorm van slachtofferschap waarbij de aanleiding van de eigen onzekerheid of geraaktheid bij de ander wordt neergelegd. Met andere woorden, niet mijn onzekerheid is het probleem, maar degene waarbij ik mij onzeker voel. Het is de ander die mij raakt en die moet veranderen.

Ik kwam het laatst tegen bij een training die ik gaf aan aspirant teamcoaches. De groep kreeg een ingewikkeld vraagstuk met veel keuzemogelijkheden. Daar kwam men niet goed uit. Er was geen leiderschap, men ging voor de eigen oplossing en probeerde coalities te sluiten. Bij de nabespreking zei een van de aspirant coaches dat hij zich onveilig had gevoeld. Ik was verbaasd, volgens mij ging het om wie het voor het zeggen had. Wel was mij opgevallen dat hij weinig medestanders had gevonden en flink op de huid was gezeten door collega’s die het niet met hem eens waren. Tijdens het gesprek werd duidelijk dat hij de neiging had om zich in een dergelijke situatie terug te trekken en een slachtofferrol aan te nemen. Een mooie uitdaging voor een aspirant coach.

Onveiligheid is een illusie als er geen gevaar is. Dat is waar, maar daar heeft de persoon in kwestie weinig aan, voor hem of haar is het realiteit. Het ontkennen van de onveiligheid werkt averechts, het versterkt het gevoel waarschijnlijk alleen maar. In het voorbeeld met de aspirant teamcoach is er juist uitgebreid op ingegaan. Hierdoor werd voor hem duidelijk dat er geen reel gevaar was en de onveiligheid een defensie, om de eigen gevoeligheden te beschermen. Het gevoel van onveiligheid veranderde er niet door, maar wel waar de aanleiding lag. Niet bij de ander, maar bij zichzelf……dan ontstaat eigenaarschap en een wereld aan mogelijkheden om er wat mee te gaan doen.

Erichem, 21 juni 2017

Het onlosmakelijke verband tussen religie en terreur

Telkens als een moslim een aanslag pleegt ontstaat dezelfde discussie over de oorzaak van dit geweld. Deze discussie spitst zich vooral toe op de vraag of er een verband is tussen de aanslag en de islam. Ik vind dat vreemd. Bij de linkse terreur in de jaren 80 stelde niemand deze vragen. Men las de manifesten die door de daders waren achtergelaten en niemand twijfelde aan hun ideologie. Er werd zeker gespeculeerd en onderzocht hoe mensen er toe kunnen komen om onschuldige mensen te vermoorden. Maar uit welke hoek zij kwamen en wat het verband was tussen hun ideeën en het geweld stonden niet ter discussie. Ook nu is het niet zo ingewikkeld.

Waarom geloven we de terroristen niet op hun laatste woord? Voor een deel kan ik dat begrijpen. Het verbinden van een wereldgodsdienst aan deze weerzinwekkende daden is onverteerbaar voor gelovigen die de islam als morele en spirituele leidraad hebben aanvaard en ervaren als een godsdienst van liefde. Ook christenen zouden grote weerstand hebben tegen het verband tussen hun religie en de moorden op abortusartsen door fundamentalistische christenen in de Verenigde Staten. Het jodendom lijkt vreedzamer, maar niet is minder waar. De orthodoxe joden die elke vermenging van seksen verafschuwen en daarom vrouwen bespuwen die zich niet aan die regels houden, hen verbieden mannen een hand te geven en met hun gezicht tegen de muur gaan staan als er een vrouw langskomt. Ook met deze extremisten zou geen weldenkende Jood geassocieerd willen worden.

     ‘Waarom geloven we de terroristen niet op hun laatste woord?’

De islam is net als het christendom en het jodendom in het Midden-Oosten ontstaan, eerst het jodendom, toen het christendom en als laatste de islam. De godsdiensten hebben met elkaar gemeen dat zij een heilsprofetie verkondigen (het betere leven na de dood) en één god aanbidden. Maar er zit wel een addertje onder het gras. Dit betere leven na de dood is alleen toegankelijk voor volgelingen die leven volgens de regels van de God die zij aanbidden. De heidenen die dit niet doen wachten een afschuwelijke dood en als dat al niet genoeg is, een eeuwig branden in de hel. Herkenbare taal? Ja zeker, dit is de taal van de moslimfundamentalist, de christenfundamentalist en de Joodse zionist die denkt dat omdat zijn God het land aan hem heeft beloofd, hij de ander er vanaf mag jagen. Deze taal hebben zij niet zelf verzonnen maar staat klip en klaar in de geschriften die door miljoenen worden gelezen en een bron van inspiratie zijn.

Christendom, jodendom en islam, hoezeer dat ook wordt verbloemd met mooie teksten en liefdevolle interpretaties, zijn inherent intolerant jegens anders denkenden. Door christenen wordt nog wel eens tegengeworpen dat het Nieuwe Testament en de figuur van Jezus dit grauwe beeld heeft verlicht. Door zijn liefdevolle persoonlijkheid en opofferingsgezindheid zou hij de menselijkheid in het christendom gebracht hebben. Dat klopt zeker. Ik durf zelfs de stelling aan dat de figuur van Jezus ervoor heeft gezorgd dat het humanisme zich heeft weten te ontworstelen aan de religieuze dwangleer. Het heeft wel 17 eeuwen geduurd, maar toch. Bij de islam heeft deze ontwikkeling zich niet voorgedaan, laat staan bij het jodendom, die turen nog elke dag hoopvol naar de horizon of de Messias er al aankomt. Echter het verhaal van Jezus eindigt aan het kruis waar de ene moordenaar, enkel en alleen omdat hij Hem erkende als zoon van God, wel het paradijs in mag en de andere niet. Hoe menselijk de Jezus figuur ook was, je moet wel in hem geloven anders ga je alsnog het vagevuur in.

‘Christendom, jodendom en islam, hoezeer dat ook wordt verbloemd met mooie teksten en liefdevolle interpretaties, zijn inherent intolerant jegens anders denkenden.’

Een andere overeenkomst tussen de godsdiensten die belangrijk is voor het verband tussen terrorisme en de drie wereldreligies is de onvoorstelbare wrede en onvoorspelbare God die maar een vorm van liefde kent en dat is de voorwaardelijke. Jij doet en denkt wat Hij zegt en Hij houdt van jou. Echter dat wil dan niet zeggen dat je van alle ellende wordt gevrijwaard. Elk moment van de dag kan God zijn volgelingen op de proefstellen door het meest afschuwelijke onheil op hen af te sturen of hen juist te overladen met welvaart en succes. Pas als deze beproevingen zijn doorstaan en God heeft geen gedachten of gedragingen ontdekt die hem niet bevallen, dan zou de gelovige het hemelse paradijs kunnen betreden. Overigens is God ook barmhartig, als je tot inkeer komt kan Hij besluiten je toch toe te laten tot het paradijs. Echter op welke gronden hij dat doet valt geen peil te trekken. God kan zo maar, ook al heb je zo je best gedaan en zo veel berouw getoond, besluiten toch de poorten van de hel voor jou te openen.

God eist totale onderwerping aan zijn gezag van zijn gelovigen. Een afschrikwekkend voorbeeld is het verhaal dat zowel in de Bijbel, de Koran als de Tenach voortkomt. Alle drie de godsdiensten kennen Abraham als hun aardsvader, in de koran wordt hij Ibrahim genoemd, maar de persoon is hetzelfde. Abraham kreeg als ultieme loyaliteitstest van God opgelegd om zijn zoon Izak aan hem te brandofferen. Dat betekent, zijn eigen zoon de keel doorsnijden, in zijn armen dood laten bloeden en het lichaam daarna in de brand te steken. Abraham was bereid dit te doen. Net voordat hij zijn zoon keelde zorgde God voor een in de struiken verstrikt lammetje die de plaats van zijn zoon kon innemen. De test was geslaagd, gelovigen zijn zelfs zo ver te krijgen dat zij voor Hem hun eigen kinderen de keel willen doorsnijden. Met andere woorden, gelovigen zijn in principe instaat om hun geweten, moreelbesef en menselijkheid in te leveren voor Zijn liefde.

‘God eist totale onderwerping aan zijn gezag van zijn gelovigen.’

Het verband tussen de islam en de mensonwaardige terreur lijkt mij duidelijk. Echter dit is niet alleen voor behouden aan de islam. Het christendom en het jodendom zijn op exact dezelfde fundamenten gebouwd. Minachting voor het leven van anders denkenden, een onvoorstelbare wreedheid, de onvoorwaardelijke liefde voor een wrede, onvoorspelbare God waarvoor men letterlijk alle menselijkheid wil opgeven en uiteindelijk de ongewisse beloning in een eeuwig leven.

Alles wat ik in dit stuk heb geschreven is gebaseerd op letterlijke teksten uit de heilige geschriften en vormen de basis waarop nu de moslimterroristen en in het verleden de conquistadores, de Inquisitie, en de kruisridders hun moordpartijen hebben gerechtvaardigd. Gelukkig is God tegenwoordig niet meer zo almachtig als voorheen. Het overgrote deel van moslims, christenen en joden gebruiken het goede uit hun godsdienst om een menswaardig leven te leiden, hun naaste bij te staan en de wereld te verbeteren. Echter zo lang zij hun ogen sluiten voor de zeer duistere kant van hun religie en daar geen afstand van doen zullen zij altijd geassocieerd blijven met de minder vredelievende geloofsgenoten die in diezelfde geschriften de rechtvaardiging vinden om anderen te vernederen, te vermoorden of gruwelijk te verminken. Hoe hard men ook schreeuwt dat dit niet zo is.

Den Haag, 10 juni 2017

De versleten boodschap van 4 en 5 mei

 

 

IMG_20170507_081833

Een gevoelig onderwerp dus ik leg mijn geloofsbrieven maar meteen op tafel. Dit is geen stuk waarin de doden uit de Tweede Wereldoorlog worden onteerd of het onvoorstelbare leed dat toen is aangedaan wordt gebagatelliseerd. Dit stuk gaat over de boodschap die op 4 en 5 mei wordt uitgedragen.

Dit jaar keek ik zoals altijd met mijn gezin naar de Dodenherdenking. Ook deze keer werden voordat de plechtigheden begonnen nieuwe oorlogsverhalen opgedist. Ik had er een kort berichtje aan gewijd op Facebook ‘Wat is de overeenkomst tussen bronwater en nieuwe WOII verhalen?. Elke keer denk ik, het zal nou toch wel een keer op zijn’. Op Messenger kreeg ik direct een reactie, ‘wat ik daarmee bedoelde?’. Hoewel de vraag neutraal was geformuleerd voelde ik de afkeuring tussen de regels door sijpelen. Er ontstond een korte wisseling van argumenten die uiteindelijk eindigde in een patstelling tussen ‘de verhalen herinneren ons eraan dat dit nooit meer mag gebeuren’ en ‘de verhalen uit WOII, hoe gruwelijk en meelijwekkend ze ook zijn, ze zijn niet relevant meer als leidraad voor deze tijd’.

 ‘Van het morele gezag van Europa was niets meer over, immers de grootste misdaad uit de geschiedenis, de Holocaust had op haar grondgebied plaatsgevonden.’

 Mei 1945 markeerde het einde van een tijdperk dat begon in 1870 met trots marcherende Duitse soldaten onder de Arc de Triomphe en eindigde in de massale verkrachting van Duitse vrouwen door Russische soldaten in de puinhopen van het verwoestte Berlijn. Europa lag daarna in puin, was verarmd en machteloos ingeklemd tussen de 2 nieuwe grootmachten; De Verenigde Staten en de Sovjet Unie. Van het morele gezag van Europa was niets meer over, immers de grootste misdaad uit de geschiedenis, de Holocaust had op haar grondgebied plaatsgevonden. De jaren daarop herrees Europa uit haar as. De grote tegenstellingen tussen landen werden keurig ingepakt in nieuwe, niet op machtspolitiek gebaseerde instituties. De economie herstelde en Europa kende een ongekende economische groei in de 60er en deels de 70er jaren. Dit succes werd behaald onder een constante dreiging van een conflict met de Sovjet Unie en het verlies van de vrijheid of nog erger, een apocalyptische nucleaire oorlog.

  ‘Hoezeer de Brexit de verhouding tussen Groot Brittannië en het vasteland van Europa ook onder druk zal zetten, de Britse fregatten zullen niet opduiken voor de kust van Kijkduin.’

 Ik ben 17 jaar na de bevrijding geboren. Het verlies van de vrijheid en de afschuwelijke misdaden, waarbij de Holocaust al de andere overtrof, dreunden nog na. Het verhaal dat ik over de Tweede Wereldoorlog te horen kreeg, was er een van heldendaden, hongertochten, knechting en de vernietiging van een compleet volk in de gaskamers. De boodschap was: Dit mocht nooit meer gebeuren! Eer degenen die voor de vrijheid zijn gevallen en koester de vrijheid!

Helaas gebeurde het niet lang daarna opnieuw, niet op dezelfde schaal, maar het geweld was niet minder. De gruwelijkheden die met dekolonisatie van Afrika en Azië gepaard gingen deden niet onder voor hetgeen zich eerder in de Tweede Wereldoorlog had voorgedaan. De vele conflicten die daarna zijn uitgevochten zijn niet minder bruut geweest. ‘Dit mag nooit meer gebeuren’ bleek een holle frase te zijn.

De tijd dat onze vrijheid werd bedreigd ligt ver achter ons. De Sovjet Unie bestaat niet meer en Rusland is een beer op lemen voeten geworden die soms nog brult en rommelt aan de randen van Europa, maar geen kracht of motief heeft om echt gevaarlijk te worden. Op een korte opleving in het voormalig Joegoslavië na, hebben de Europese mogendheden geleerd hun conflicten binnen de Europese instituties op te lossen. Een nieuwe oorlog in Europa is zeer onwaarschijnlijk. Hoezeer de Brexit de verhouding tussen Groot Brittannië en het vasteland van Europa ook onder druk zal zetten, de Britse fregatten zullen niet opduiken voor de kust van Kijkduin.

 ‘Totdat in 2002 het populisme de mainstream bereikte. Plotseling bleek de boodschap het vaandel van meerdere kampen te zijn.’

 De bedreiging was weg, de gruwelijkheden speelden zich ver van onze bodem af, de boodschap was betekenisloos geworden. Totdat in 2002 het populisme de mainstream bereikte. Plotseling bleek de boodschap het vaandel van meerdere kampen te zijn. De één zwaaide ermee in de strijd tegen de multiculturele samenleving (en met name de Islam), de andere als protest tegen de uitsluiting en haat die de populisten zouden verkondigen. De boodschap werd een speelbal in het politieke krachtenveld.

Zo is het nog steeds, de boodschap die ooit verbond zaait nu verdeeldheid. Voor de nieuwe generaties is de context waarin deze is ontstaan geschiedenis en leeft voornamelijk nog voort in avonturenfilms en computergames. De boodschap van 4 en 5 mei heeft geen zeggenschap meer en is irrelevant geworden. Dat gaan de nieuwe verhalen over de oorlog niets aan veranderen. Ze illustreren de tijd van toen, maar zeggen op zichzelf niets meer over nu.

In zijn werk ‘Sapiens’ schrijft de Israëlische historicus Yuval Noah Harari ‘dat mensen evolutionair goed kunnen samenwerken in kleine groepen, maar zodra je te doen hebt met mensen die elkaar niet kennen, moet je een verhaal hebben om ze te doen samenwerken’. Een verhaal met een verbindende boodschap, een verhaal dat een deel van onze identiteit is.

 ‘Misschien zijn de verbindende verhalen niet te verzinnen maar ontstaan ze vanzelf  wanneer er weer behoefte is aan een hoopvolle en visionaire boodschap.’

 Welke boodschap zal dat verhaal moeten bevatten? Verantwoordelijkheid, respect, tolerantie, vrijheid in gebondenheid? Deze verhalen bestaan allemaal al en geen van die boodschappen zijn krachtig genoeg om ons te verbinden, sterker nog kijkt u eens op Twitter en u ziet dat deze verhalen grote controverse oproepen.  Misschien zijn de verbindende verhalen niet te verzinnen maar ontstaan ze vanzelf  wanneer er weer behoefte is aan een hoopvolle en visionaire boodschap.

Voorlopig lijkt die behoefte er niet te zijn, althans, wel voor de eigen groep maar niet voor de samenleving als geheel. Dus zit er niet anders op dat de oude mantra’s over ‘vrijheid’ en ‘dat het nooit meer mag gebeuren’ tot vervelends toe te herhalen. Want wat voor oude schoenen geldt, gaat ook op voor versleten ooit verbindende boodschappen. Gooi ze nooit weg voordat je nieuwe hebt.

Den Haag, 7 mei 2017

God ontwaakt

Mei 2017: Geschreven voor- en voorgedragen tijdens- de opening van de expositie van Harald Jassoy (www.jassoy.nl) en Nancy Kroon (www.kroonkunst.nl) te Wateringen 

Ooit had god al zijn bovennatuurlijke krachten gebruikt om een gloeiend balletje ter grootte van een tennisbal te maken en die met een krachtige zwieper de leegte in te werpen. Uitgeput van deze inspanning bleef hij miljarden jaren in het niets, om opeens weer te verschijnen. Hij was verbijsterd over wat hij aantrof. Sterrenstelsels, zwarte gaten, oogverblindende supernova’s en beeldschone nevels. Hij had ooit een balletje opgegooid maar dit had hij nooit verwacht. Hij zwierf een aantal eonen door het zich uitbreidende heelal, zag de schoonheid, de vernietigende krachten, de complexiteit en wist zeker, dit ga ik nooit snappen. Toen bedacht god ons, een instrument dat hem de kennis zou verschaffen over wat hij zelf in gang had gezet.

En zo geschiedde, hij haalde diep adem en blies het leven in het universum. Daarna verdween hij weer in het ‘niets’ en wachtte af hoe het leven zich zou ontwikkelen.

Op een dag ontwaakte god, hij rekte zich even uit en ging op zoek naar het resultaat van die ene zucht. Zijn verwachtingen waren hoog gespannen, zou zijn ademstoot de resultaten van zijn eerdere baldadigheid overtreffen? De hele dag had hij door het uitdijende universum gezworven. Nergens was een spoor van zijn adem terug te vinden. Totdat hij laat in de avond arriveerde in een uithoek van het heelal in een van de spiraalarmen van een melkwegstelsel. Daar vond hij de enige planeet waar zijn adem was neergeslagen en getransformeerd tot wat hij gehoopt had: intelligent leven. Verrukt daalde god neer op aarde, nam de gedaante aan van een aardbewoner en wandelde over de planeet.

Antwoorden, daar was god naar op zoek. Verklaringen die de geheimen van zijn schepping zouden blootleggen, zodat hij kon begrijpen wat hij had gemaakt. Al snel had hij in de gaten dat hij de antwoorden van de tweevoeters moest krijgen, het andere leven was interessant om te zien maar had geen idee wat ze op aarde deden.

Hij dwaalde rond en was overweldigd door de diversiteit die hij zag. Hij was trots op zichzelf toen hij de schoonheid van de natuur zag en wat de tweevoeters daarmee hadden gedaan. Maar het kriebelde ook een beetje. Net als in het heelal zag hij schoonheid en vernietiging hand in hand gaan en vroeg zich af waarom hij dit zo had gecreëerd. Het antwoord wist hij, moest van de zich mensen noemende tweevoeters komen.

Vele mensen kruisten zijn pad en vertelde hem verhalen, over de andere mensen, over hem, over hoe de wereld in elkaar zit en over zichzelf. Hij deelde hun plezier, huilde om hun verdriet en koesterde hun dromen. Hij hield echt van deze mensen.

Langzaam begon het hem te dagen wie degenen waren waarvan hij de antwoorden over zijn schepping zou kunnen krijgen.

De eerste groep die hij nader beschouwde waren de gelovigen, mensen die dachten dat zij hem kenden. Bibliotheken hadden ze over hem vol geschreven en imposante bouwwerken voor hem gebouwd. Hadden hem vele namen gegeven en buitengewone krachten toegedicht. Hoewel dat laatste klopte vond hij het curieus dat zij hem dachten te kennen. Al deze mensen die naar hem op zoek waren en stellig geloofden dat zij het wisten. Daar was het hem niet om te doen geweest. Hij wilde weten hoe het zat. Niet om te weten wie hij was, dat wist hij zelf al. Het ergerde hem, juist door zich aan dit droombeeld van hem vast te klampen deden ze niet waarvoor ze door hem geschapen waren.

De volgende groep die hij bestudeerde waren de wetenschappers. ‘Eureka!’ riep hij toen hij hun geschriften had gelezen. Eerst had hij gedacht dat zij behoorden tot de gelovigen, maar nadat hij zich door de immense papiermassa had geworsteld die zij in de loop der eeuwen hadden geproduceerd, vond hij de antwoorden waar hij naar zocht. Niet zo maar verzinsels maar antwoorden die waren gebaseerd op de fundamentele natuurkrachten van zijn schepping. De zwaartekracht, de elektromagnetische kracht, de sterke en de zwakke kernkracht. Het bracht hem terug naar het moment waarin hij alles in dat kleine balletje had gestopt. Het stemde hem weemoedig. Als die verstreken tijd, al die jaren van onwetendheid en nu, nu had hij antwoorden. Hoopvol las hij verder maar verloor zich in grillige complexiteit van de kwantummechanica.

Met een harde klap sloot hij het laatste boek. Hij wist genoeg, nog lang niet alles maar wat hij had gelezen stemde hem tot tevredenheid. Nog een paar honderd jaar, dan waren alle antwoorden wel gevonden en kon hij eindelijk genieten van wat hij had gemaakt. Hij verheugde zich er op en ach het wachten, dat was geen probleem voor hem als meester van de tijd en ruimte.

Net voordat hij wilde vertrekken zag hij haar zitten. In haar smetteloze witte jurkje kraste zij met een potlood op een groot wit vel papier. ‘Een boom’ zei ze toen hij naast haar ging zitten. ‘Een hele lieve’ voegde zij eraan toe en tekende ogen, een neus en een mond in het midden van de boom. ‘Kijk hij lacht en hij kan ook goed luisteren’ en zij tekende twee oren aan de stam. Een boom die lacht en kan luisteren dacht god, dat had hij nog nooit gezien.

En zo ontdekte god op de valreep de verbeelding en dompelde zich in deze wereld onder. Hier waren geen gelovigen, maar ook geen wetenschappers. Het waren mensen die verhalen vertelden, opschreven, schilderden, boetseerden en in klanken vertaalden. Van alle mensen die hij tegen was gekomen waren zij degenen die hem het meeste raakten. Hij was gefascineerd en verbaasd, dit had hij nooit bedoeld toen hij het universum het leven schonk. Hij genoot van wat hij zag en hoorde. En verwonderde zich over de oneindige verbeeldingskracht van degenen die dat maakten.

Kunstenaars noemde hij hen, mensen die kunst maken. Hij voelde een verwantschap met deze mensen. Net als hij scheppen zij nieuwe werelden. Hoewel, zij kunnen de werelden bedenken en uitbeelden, hij kan ze écht maken. Maar toch, iets goddelijks dichtte hij hen wel toe.

God was in zijn nopjes. Hij had prachtige dingen gezien, de mensen leren kennen, antwoorden gekregen en ontdekt wat hij niet voor mogelijk had gehouden. Mensen die zijn schepping herschiepen en nog mooier maakten. Voldaan vertrok god van de aarde naar zijn vertrouwde niets. Hij keek nog een keer om en zag dat het goed was.

Den Haag – Erichem, 6 mei 2017

Roeptoeteren

Aan de hand van de uitspraken van een kerkelijk leider via seksuele perversies, de Holocaust en de teloorgang van links naar het einde der tijden.

Een longread

De favoriete bezigheid van menig politicus, BNer en anonieme burger. Je vindt ergens wat van, je flanst vervolgens een kort berichtje in elkaar en stuurt het de wereld in. Ik doe dat ook en met succes. Geheid dat er iemand is die zich er (al dan niet terecht) aan stoort of de absurditeit van het geschrevene weet aan te tonen. Maar goed ik ben een anonieme burger met ongeveer (het fluctueert wat na elk bericht) 50 vrienden op Facebook. Veel invloed zullen mijn obscure meninkjes dus niet hebben.

Ernstiger wordt het wanneer mensen die daadwerkelijk invloed hebben zich op deze manier gaan gedragen. De mening van Gerard Joling over de vluchtelingencrisis weet iedereen nog wel op zijn waarde te schatten. Anders wordt het wanneer Wilders of Trump zich te buiten gaan aan abjecte en bewust beschadigende berichtjes. Hoewel deze roeptoeterij enkel en alleen bedoeld is voor de eigen achterban, maakt de herhaling in verschillende variaties de abjecte mening steeds normaler. Enige tijd geleden schreef de Correspondent er een mooi stukje over. Een wetenschapper had de effectiviteit van heren zoals Wilders de op hedendaagse mores onderzocht. De uitkomst was dat wil je het discours blijvend veranderen je er in eerste instantie radicaal in moet gaan om vervolgens de boodschap telkens te herhalen en stapje voor stapje de grens oprekken tussen wat je wel en niet kunt zeggen. Dat werkt, kijk maar naar waar Fortuyn de hele goegemeente over zich heen kreeg en Wilders nu mee wegkomt.

In de eredivisie van de roeptoeteraars mag 1 persoon niet ontbreken. Keurig gecamoufleerd als nederig dienaar van God roeptoetert deze man er maar wat op los. We hebben het hier over Jorge Mario Bergoglio. Deze ogenschijnlijk sympathieke Argentijnse jezuïet heeft het tot Paus Franciscus geschopt. Waar zijn voorganger Paus Benedictus XVI als wereldvreemd intellectueel al snel het veld moest ruimen, blijkt deze Paus een man van het volk te zijn. Hij heet natuurlijk geen Franciscus maar heeft deze naam aangenomen. De naam komt van de heilige Franciscus van Assisi die in de Middeleeuwen ongeveer de enige functionaris in de Heilige Moederkerk was die iets om de armen gaf. Over Franciscus van Assisi bestaan vele mythen en legendes. Dat kan ook bijna niet anders, de man is al ruim 790 jaar dood, genoeg tijd dus om een nieuwe, waarschijnlijk beter passende, realiteit rondom hem te creëren.

De Paus die nu in naam vereenzelvigd is met een van de barmhartigste Samaritanen uit het christendom neemt geen blad voor zijn mond. Op internet zijn diverse uitspraken van hem te vinden die net zo goed door de nieuwe bewoner van het Witte Huis gedaan hadden kunnen worden. Zo stelde hij dat de Pauselijke Curie lijdt aan spirituele alzheimer. Daarmee neemt hij op Trumpiaanse wijze afstand van het instituut waar hij leiding aan dient te geven. Ook schijnt hij wars te zijn van de pracht en praal die het pausdom met zich meebrengt. Hij slaapt in het gastenverblijf, wast en kust (ik hoop in deze volgorde) de voeten van arme sloebers. Een echte Franciscus dus. Maar ook een populist die het instituut waarin hij jaren heeft gefunctioneerd en carrière gemaakt, ridiculiseert. Erg veel succes heeft hij nog niet geoogst met deze strategie. Uit recentelijk onderzoek bleek dat het voorkomen van kindermisbruik en de vervolging van de daders binnen de kerk niet van de grond komt.

Paus Franciscus is de laatste tijd in het nieuws geweest met een aantal uitspraken over de actualiteit. Zijn eerste uitspraak ging over het nepnieuws (wat op zich al opvallend is daar je zou kunnen stellen dat zijn hele imperium is gebouwd op eeuwenoud nepnieuws), Hij noemde nepnieuws even erg als poepseks en het eten van poep. Een waanzinnige en onverwachte beeldspraak. Ik heb een zoektocht over het internet gemaakt maar ik ben nergens de combinatie Rooms Katholieke Kerk en poepseks tegengekomen. Ook is er geen verwijzing te vinden dat poepseks een dingetje is in Argentinië. Dan moet het waarschijnlijk zijn eigen obsessie zijn, maar vreemd is het wel en tegelijk ook leuk, zo’n kijkje in de perverse kant van de Paus.

Zijn volgende opmerking is kwalijker. Bij zijn bezoek aan Auschwitz vroeg hij zich af waarom de geallieerden Auschwitz niet gebombardeerd hebben. Dat lijkt een terechte vraag, alleen is het nou de Paus die deze kwestie aan de orde moet stellen?

Feit is dat de Engelse elite net zulke bedenkelijke ideeën over Joden had als de Duitse. Sowieso was het neerkijken op- en kwaadspreken over- de Joden een geaccepteerd tijdverdrijf in het interbellum, zowel aan deze als de andere kant van oceaan. Dat dit vreselijk ontspoorde bij de Duitsers heeft dus niet zo zeer te maken met hun afwijkende ideeën over de Joden maar vooral omdat zij zich lieten ‘begeisteren’ door de inktzwarte magiër uit Oostenrijk.

De Paus snijdt hiermee een pijnlijk punt aan. Ten eerst omdat het zijn geloof is dat vanaf het begin de Joden in de beklaagdenbank heeft gezet. Uiteindelijk zijn zij het die de zoon van God hebben vermoord. Lees je de Bijbel goed dat weet je dat Jezus lijdensweg een vooropgezet plan was dat uitgevoerd moest worden om de mensheid te verlossen van hun zonden. De Joden hebben niet anders dan een rolletje in gespeeld in deze goddelijke tragedie. ’It’s a dirty job, but someone got to do it’ moet men in de hemel gedacht hebben. Als je het helemaal zuiver wilt bekijken zijn het de Romeinen geweest die Jezus hebben veroordeeld tot de dood aan het kruis en niet de Joden. Die hebben hun best hebben gedaan om de Romeinen tot dit besluit te bewegen, maar de beslissing om Jezus aan het kruis te nagelen had niets te maken met zijn religieuze opvattingen en was vooral het resultaat van zijn opruiende politieke uitspraken.

Waarom dan de Joden verantwoordelijk maken voor de dood van Jezus en niet de Romeinen (en hun opvolgers de Italianen?). Het christendom moest in de beginfase concurreren met het Jodendom en dan is het best handig om je rivaal als monsterlijk af te schilderen en dat vast te leggen in het Eeuwig Ware Geschrift van jouw religie. Hoewel er niet staat dat Joden afgeslacht moeten worden, is de auteur van het deel van het Evangelie waar de dood van Jezus wordt beschreven glashelder: ‘Zijn bloed kome over ons en over onze kinderen!’ Dezelfde strategie zie je ook bij de Islam. In de Koran worden de Joden en Christenen beschreven als de ‘Mensen van het Boek’. Volgens de Koran kennen de ‘Mensen van het Boek’ een deel van de waarheid, maar is de Islam de gehele goddelijke waarheid. Afhankelijk van de Soera die je leest moet je die mensen respecteren of gruwelijk afslachten. Dat hebben ze nog in het midden gelaten.

Paus Franciscus als leider en hoeder van een religie die de Jodenhaat heeft verzonnen, de haat die uiteindelijk heeft geleid tot eeuwenlange vervolging, achterstelling en met als dieptepunt de Holocaust. Je zou alleen daarom al kunnen stellen dat enige bescheidenheid op dat punt gepast zou zijn. Maar we zijn er nog niet. In de Tweede Wereldoorlog heeft het Vaticaan zich, op zijn zachts gezegd, weinig gelegen laten liggen aan het lot van de Joden. De Rooms Katholieke Kerk in Duitsland had zich in de jaren dertig al vereenzelvigd met het Nationaal Socialisme, die rol en bijbehorende schuld staat niet ter discussie. Over de rol van het Vaticaan en het handelen van Paus Pius XII, de Paus tijdens de tweede wereldoorlog, verschillen de meningen. Van fervent aanhanger van het Nationaal Socialisme tot een held die met stille diplomatie vele Joden het leven heeft gered. Echter vast staat dat deze Paus zich als moreel wereldleider nooit tegen de Holocaust heeft uitgesproken. In dit uiterst schimmige decor stelt de Paus zijn vraag en krabt daarmee vilein aan het toch al dunne laagje vernis over de mores van de geallieerden (en dat van zijn eigen instituut).

De beantwoording van deze vraag blijkt al kasten vol met boeken opgeleverd te hebben, maar geen eenduidig antwoord. Feit is dat de geallieerden tot 1944 net instaat waren om Berlijn te bereiken, laat staan Auschwitz dat nog 3 uur verder vliegen vereiste. Na 1944 waren zij er wel toe in staat, maar hebben op een enkel vergisbombardement na, Auschwitz nooit als doel gehad. Uit documentonderzoek is gebleken dat de Amerikanen en Britten wel op de hoogte waren van de vernietigingskampen maar er nooit militaire prioriteit aan hebben gegeven. Saillant is dat in het Bitse oorlogskabinet de vernietiging van de Joden door de Nazi’s nooit aan de orde is geweest, terwijl de documenten en ooggetuigenverslagen wel in hun bezit waren.

Uiteindelijk zijn er 4 stromingen te onderkennen in de verklaring waarom Auschwitz nooit gebombardeerd is: ze waren er technisch niet toe in staat; er waren andere oorlogsprioriteiten; het antisemitische sentiment van voor de oorlog was nog levendig aanwezig en het kwam hen daarom wel uit dat het aantal Joden gedecimeerd werd; men kon zich niet voorstellen dat het werkelijk zo erg was.

Het is moeilijk voor te stellen dat Franciscus dit niet heeft geweten voor hij de vraag stelde. Het heeft er alle schijn van dat dit geen vraag was waarop hij een antwoord wilde, maar een retorische vraag waarmee hij zich – wederom – buiten de geschiedenis van zijn eigen ambt en organisatie plaatste.

Rond de jaarwisseling volgde een nieuwe Pauselijke uitspraak. Hij bracht het populisme in verband met de opkomst van Hitler. Dat is feitelijk juist….. in de jaren 30 van de vorige eeuw. Helaas was zijn opmerking geen reflectie op een specifieke periode in de Europese geschiedenis, hij doelde op nu. Trump, Wilders, Le Pen en die Oost Europese populisten (waar er iets te veel van zijn om allemaal te kunnen onthouden), allemaal potentiële Hitlers of opstapjes tot een nieuwe Hitler. Ook hier ligt weer een interessante gedachte aan ten grondslag. De Paus lijkt uit te gaan van de volkswijsheid dat de geschiedenis zich herhaalt. Hij hoort hetzelfde gebral, dezelfde retoriek en denkt…..Hitler. Alsof er een wetmatigheid is waaraan het ontstaan van nieuwe Hitlers onderhevig is.

De geschiedenis herhaalt zich nooit. Er doen zich gebeurtenissen voor en er zijn processen in de maatschappij zichtbaar die doen denken aan de periode waarin Hitler opkwam, maar een nieuwe Hitler zal er nooit meer komen. Gewoonweg omdat Hitler uniek was, zoals ieder mens, en omdat de tijdsgeest waarin Hitler opkwam niet te vergelijken is met nu. Hitler staat voor een dictatuur met een onaantastbare leider van een zich superieur achtend volk. Dit superieure volk is homogeen voor wat betreft ras, cultuur, lichamelijke en geestelijke capaciteiten. Dit volk leeft volgens dezelfde normen en waarden die voornamelijk zijn gebaseerd op conservatisme, heroïsme en machismo. Degenen die afwijken van die normen en waarden worden vernederd, gemarginaliseerd of gedood. Er zijn vele vijanden waarvan er doorgaans één een existentiële bedreiging voor het volk vormt en daarom vernietigd moet worden. Dit superieure volk heeft ruimte nodig en schroomt niet om met geweld deze ruimte in te nemen ten koste van andere landen. Dit ziet de Paus dus als angstbeeld bij het hedendaagse populisme. Tijd dus om dit beeld van de Paus eens te onderzoeken.

Laten we eerst een stap terug zetten naar de tijd waarin Europa voor de tweede en tot nu toe laatste keer in puin lag. De grote Europese machthebbers hadden hun bloed vergoten en lagen als chronische hemofiliepatiënten aan het infuus van de grote overwinnaar: de Verenigde Staten van Amerika. De bevolking van Europa probeerde in het reine te komen met de verschrikkingen die het had ervaren en de verliezen die het had geleden. Tot 20 jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog was dit het beeld: nijvere mensen die bijkans nog bloedend uit de verse wonden hun land met blote handen uit het puin deden herrijzen. Dit beeld wordt veel gebruikt om de oneerlijkheid van de huidige maatregelen jegens de bejaarde landgenoten tot uitdrukking te brengen, maar het klopt niet. De werkelijkheid was dat de veelal apathische bevolking niets deed na de bevrijding. Pas nadat er wetgeving was ingevoerd waardoor men wel actief moest worden, begon er enig tempo in de wederopbouw te komen. Gedurende die periode lag de schaduw van een nieuwe nog veel verwoestende oorlog over het land. De Koude Oorlog met zijn levensgevaarlijke oprispingen: de Hongaarse opstand, de blokkade van Berlijn en de raketcrisis in Cuba. Europa was tot de revolutie van de jaren 60 een grauw, saai en gedoemd continent.

Toen kwam de ommekeer. Een nieuwe generatie diende zich aan. Een generatie die was opgegroeid in de beperkende, grijze wereld van de wederopbouw en die zich daar niet meer bij wilde neerleggen. De muziek, de kunst, de opvattingen over de maatschappij en de wereld, alles veranderde. Vrijheid op alle vlakken waren, antiautoritair, gelijkwaardigheid en ‘dat nooit meer’ de pijlers waarop de nieuwe orde werd gefundeerd. Vanaf het midden van de jaren 60 tot ver in de jaren 80 stond autoriteit gelijk met fascisme. In mijn sociologieboek werd de autoritaire persoonlijkheid als afschrikwekkend natuurverschijnsel uitgebreid beschreven. De realiteit was dat in de jaren 70 de drang naar vrijheid allang gekaapt was door bevrijdingsbewegingen die hun oorsprong vonden in het communisme en maoïsme, ideologieën die niets met vrijheid te maken hadden. De muzikale vernieuwing ontwikkelde zich tot een lege kunstvorm die pas in het punktijdperk weer enige legitimiteit kreeg als spreekbuis van (weer) een nieuwe generatie. De seksuele revolutie was ondertussen zo goed als uitgedoofd en leefde alleen nog onder de perverselingen, die als laatste stuiptrekking van een stervende beweging hun ongebruikelijke en veelal moreel verwerpelijke levensstijl als aansprekend alternatief publiekelijk konden verkondigen. Met de heer Brongersma, senator namens de PvdA en overtuigd pedofiel, als triest dieptepunt.

De beweging die midden jaren 60 spontaan was ontstaan, was na 10 jaar zo dood als een pier. Nieuwe autoriteiten die zich hadden gecamoufleerd met het taalgebruik van de antiautoriteit legden een nieuw dwingend kader op. Bezit, rijkdom en kennis moest gedeeld worden. Of anders gezegd, de rijken moesten afstaan aan de armen. De armen hoefden daar niet zo veel voor terug te doen. Zij waren tenslotte degenen die werden uitgebuit. Een links moralisme ontstond. Deze waarden waren geboren uit de verschrikkingen in de gaskamers en crematoria van Auschwitz, Buchenwald, Sobibor, Treblinka en de zo vele andere kampen waar iedereen die het Derde Rijk inferieur achtte vernietigd werd. Het ‘Dit nooit meer’ werd de leidraad in de linkse moraal van de jaren 70. Dat betekende, alle culturen zijn gelijk, internationale samenwerking als middel om het nationalisme in de toom te houden, gelijkwaardigheid in alle relaties om autoritarisme te voorkomen. Degenen die afweken van deze moraal werden veroordeeld tot racist, fascist of seksist. Als het echt tegenzat was je alle drie of verzon men er nog eentje bij. Het nieuwe links met zijn grondleggers Joop den Uyl, Marcel van Dam en Andre van der Louw om maar een paar namen te noemen. In de jaren 80 opgevolgd door figuren al Ria Beckers en André van Es. Twee personen uit die tijd verdienen bijzondere aandacht, Jaap van de Scheur en Ien Dales. Eind jaren 80 stonden zij als enigen nog met hun voeten op de grond in de steeds rigider en wereldvreemde linkse beweging. Jaap en Ien, die zeiden waar het op stond, gedreven, geen poespas en een natuurlijk gezag. Maar helaas Jaap en Ien gingen dood en – achteraf gezien – met hen de laatste kans van links om de hedendaagse populistische revolte te voorkomen.

Vanaf de jaren 80 dreef links steeds verderaf van de oorspronkelijke bedoeling; de emancipatie van de arbeider en een eerlijke verdeling van de welvaart. Links ontwikkelde zich als bredere beweging die zich richtte op het kosmopolitisme, multiculturalisme en de emancipatie van allen op de hele wereld die zij als onderdrukt beschouwden. De opkomst van het neoliberalisme in de jaren 90 met zijn vrije handel, globalisering en vrije verkeer van mensen paste prima in dit plaatje. Want hoewel langs kapitalistische weg, het neoliberalisme zou er voor zorgen dat welvaart nu echt eerlijk verdeeld zou kunnen worden in de wereld. Zelfs de vaandeldrager en erfgenaam van ‘s lands meest progressieve partijen, GroenLinks geloofde in dit sprookje. De PvdA bij monde van Wim Kok gooide er al in 1995 zijn ideologische veren voor af.

Links mocht dan wel het neoliberalisme omarmd hebben (en de arbeider verlaten), de morele waarden van links bleven in tact. Maar helaas de muur was gevallen en er kwamen steeds meer gruwelijkheden van de communistische dictaturen aan het licht, die de legitimiteit van de linkse moraal ondermijnde. De toenemende immigratie zorgde voor wrijvingen tussen de oorspronkelijke bewoners en nieuwkomers. De herinneringen aan de verschrikkingen in de Tweede Wereldoorlog vervaagden en werden geschiedenis, ‘dit nooit meer’ verloor zijn betekenis en zeggenschap. De linkse waarden hadden geen gezag meer, sterker nog ze werden als oorzaak gezien voor alle ellende en door sommigen zelfs als een voortzetting van het oude communistische streven naar een grenzeloze arbeidsheilsstaat. Het gedrag van de linkse elite, in de volksmond ook wel ‘het links lullen en rechts vullen’ genoemd, was de laatste nagel aan de doodskist van de Linkse Moraal.

Dit is toch echt een heel ander situatie dan de jaren 30 waarin de het fascisme en het nazisme opkwamen. Beide gebaseerd op een gekrenkte vaderlandse trots na een verwoestende oorlog, economische uitzichtloosheid en een veelal achterlijke bevolking die blindelings op de grote leider vertrouwde. De vergelijking van de Paus slaat dus nergens op en kan alleen maar als slechte, doorzichtige retoriek gekenschetst worden.

Dit zijn nog maar een paar uitspraken van Paus Franciscus. Hij zal echt het hart op de juiste plek hebben, maar over de locatie van het verstand twijfel ik toch ernstig. Juist in een tijd als deze waarin alle zekerheden lijken te verdwijnen, is een intelligente, energieke en zalvende geestelijk leider van de westerse wereld een noodzaak. Ik zou bijna terugverlangen naar de Poolse Paus, die samen met Ronald Reagan (ook zo’n licht in het duister) het IJzeren Gordijn aan flarden scheurden. Oerconservatief, zeer geliefd en met een groot gezag. Dus weg met de domme retoriek en het eigen nest bevuilen. Qui pascet oves in multis tribulationibus (die zijn schapen zal hoeden gedurende vele tribulaties) staat er in de Pauselijke profetieën over het einde der tijden. Die zullen er niet komen, maar zo’n Paus lijkt mij meer dan welkom.

Den Haag – Erichem, 1 februari 2017