Roofdieren voor de klas

Juffrouw Hardonk was een onaantrekkelijke verschijning. Haar gepermanente haar, gebreide mantelpakjes en gehoornde bril met jampotglazen op haar vette neus maakten haar jaren ouder dan zij toen moet zijn geweest. Juffrouw Hardonk was een nare vrouw met een kort lontje, duldde geen tegenspraak en zag haar autoriteit constant bedreigd door 9-jarige snuiters. Regelmatig liep bij haar de emmer over en ontstak zij in grote woede. Het vadsige lijf kwam dan in actie, sleurde een kind uit de schoolbanken en met een de souplesse die ik alleen nog maar in de nachtelijke gevechten van Casius Clay had gezien, haalde zij meerdere keren vernietigend uit naar het hoofd, de billen of de buik van het weerloze slachtoffertje. Wanneer haar perverse behoeften waren bevredigd liep zij het lokaal uit. Een sidderende klas, een huilend kind en omvergeworpen schoolmeubilair achter zich latend.

Maar juffrouw Hardonk was nog niet eens de ergste psychopaat op deze school. Die titel gaat naar meester de Baat. Deze hellehond werd gevreesd door alle kinderen. Was juffrouw Hardonk nog enigszins voorspelbaar, meester de Baat was volstrekt onberekenbaar en vele malen gemener. Ik probeerde meester de Baat zo veel mogelijk te mijden, maar dat bleek onmogelijk. Als een hongerig roofdier zocht hij naar zijn prooi en op een dag viel zijn oog op mij. Om redenen die mij tot vandaag onbekend zijn haalde hij mij na het buitenspelen uit de keurig geformeerde rij, zette mij in een hoek van de gang en dwong alle kinderen uit mijn klas mij te schoppen. Het merendeel van de kinderen durfde hem niet te trotseren en voerden zijn opdracht uit. Nadat tientallen kinderen mij hadden geschopt maakte hij het af met een keiharde vuistslag in mijn lies. Dat had hij beter niet kunnen doen. Er vormde zich een enorme blauwe plek die een paar dagen later door mijn moeder werd opgemerkt. Zelfs voor het milieu waar ik ben opgegroeid, waar men er voor wat betreft geweld tegen kinderen een losse moraal op na hield, was dit te gortig. Nadat mijn vader eerst juffrouw Hardonk voor het oog van de kinderen verrot had gescholden en daarna meneer de Baat voor de klas bijna in elkaar had geslagen werd ik van school gehaald en op een andere school geplaatst. Voor mijn ouders en de school was daarmee het probleem opgelost. Hardonk en de Baat waren publiekelijk door mijn vader vernederd en hij had daarmee zijn gram gehaald. De school was al lang blij dat het hierbij was gebleven.

Nog beduusd van de gebeurtenissen werd ik op de nieuwe school hartelijk verwelkomd door meester K. Een joviale man van rond de 30. Halflang blond haar, lang, slank, een schaterende lach en vooral zachtaardig. In niets leek hij op de monsters van de andere school. Maar al snel had ik in de gaten dat er ergens iets niet klopte. Meester K. was wel heel erg joviaal en handtastelijk. Dagelijks nam hij een jongetje op schoot en uren achtereen betastte, knuffelde, zoende en kriebelde hij dat kind. Dat deed hij gewoon voor de klas, achter zijn bureau. De rest van de kinderen keken er niet van op en gingen door met hun werkjes alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Als nieuw prooidier probeerde hij het ook met mij. Op een dag pakte hij mij beet en probeerde mij op zijn schoot te trekken. Geluk bij een ongeluk was ik kopschuw geworden door mijn eerdere ervaringen met leraren. Ik rukte mij uit zijn omhelzing los en rende weg. Daarna heeft hij het niet meer geprobeerd. Niet lang daarna nodigde hij mij uit om na school een keer mee te gaan zwemmen, samen met het jongetje dat dagelijks bij hem op schoot zat. Hoewel ik aarzelde won de trots dat de meester mij hiervoor vroeg, het van de argwaan. In het zwembad hield ik afstand van hem, het jongetje niet. Ik weet niet of meester K. echte pedoseksuele handelingen heeft verricht maar het voordeel van de twijfel krijgt hij niet van mij. Over de schade die hij heeft aangericht bestaat geen twijfel. Een paar jaar geleden sprak ik het jongetje dat nu een volwassen man is. Als meester K. niet al eerder aan kanker was overleden had hij hem wel naar zijn eeuwige rustplaats begeleid. De gevoelens van woede en schaamte waren na al die jaren nog steeds niet gesleten.

Na een relatieve rust op de MAVO, waar men een lerarenkorps bij elkaar had gescharreld dat succesvol mee had kunnen doen met een absurdistische Monty Python sketch maar verder redelijk fatsoenlijk was, ging het op de HAVO weer mis. Ik zal zijn echte naam niet noemen, maar wij noemden hem Fox. Hij bekleedde een belangrijke functie en als er stront aan de knikker was, dan kwam Fox. Hij was een jaar of 55 zag er onberispelijk uit, had iets vaderlijks en eigenaardigs. Als hij met je sprak ging hij dicht tegen je aanstaan en verdween zijn hand onder je overhemd. Zo maar, zonder enige aanleiding of waarschuwing. Zijn hand bewoog dan rustig over je blote rug, je buik, je borst, ondertussen keek hij je recht in de ogen en praatte gewoon door alsof er niets aan de hand was. Ik was onthutst toen het mij voor de eerste keer overkwam. Bij navraag bleek dat hij dit bij meerdere jongens deed, nooit bij meisjes. Het gevolg was dat als Fox in de buurt kwam alle jongen hun overhemd stevig in hun broek propten en truien strak langs het lijf werden getrokken. Voor Fox maakte dat niet uit, die friemelde net zo lang tot hij een gaatje had gevonden en zijn gulzige hand over het jonge jongensvlees kon laten glijden.

Op meester K. na, die is verteerd door de kanker, hebben alle personen in dit stukje hun pensioengerechtigde leeftijd in het onderwijs gehaald. Van meester de Baat weet ik dat hij nog jaren lang kinderen heeft mishandeld. Juffrouw Hardonk had nadat de Baat met pensioen was gegaan haar leven gebeterd en is uiteindelijk als een geliefde juf met pensioen gegaan. Van Fox weet ik het niet, hij zal wel op zijn pootjes terecht zijn gekomen.

Laatst zag ik een documentaire over Jimmy Saiville, een van de grootste roofdieren allertijden. Na zijn dood kwam uit dat dit heerschap in zijn tijd als presentator van Top of The Pops en vedette bij de BBC duizenden piepjonge kinderen en jong volwassenen had misbruikt. Alle grootheden uit de jaren 70 en 80 hebben het geweten. We hebben het dan over The Rolling Stones, The Beatles, U2, David Bowie. Allemaal mensen die wel wisten wat er mis was met de maatschappij, maar voor Jimmy sloten zij de ogen of keken zij de andere kant op. Een uitzondering hierop was Johnny Rotten van de The Sex Pistols, maar die nam toen niemand serieus.

Met Jimmy vergeleken zijn de roofdieren uit mijn tijd klein bier. Maar ook zij hebben de ruimte gekregen om een leven lang kinderen te misbruiken en mishandelen. Die kregen zij van schoolbesturen, collega’s en ouders die de gedragingen bagatelliseerden of domweg negeerden. Pas jaren na zijn dood hoorde ik de eerste geluiden over ‘het achteraf toch wel vreemde gedrag van meester K.’ in de gesloten gemeenschap waar ik ben opgegroeid. Van meester de Baat bleek bekend te zijn geweest dat hij in de oorlog in een Jappenkamp had gezeten. Men wist dat rond mei de stoppen bij hem doorsloegen maar er was niemand die het hem belette om dit op de kinderen uit te leven. Van Hardonk was bekend dat voordat zij op die school kwam werken, geschorst was geweest als lerares. Toch stonden zij zonder supervisie voor de klas en kregen alle gelegenheid om hun kinderhaat in de praktijk te brengen. Achteraf gezien is het diep triest dat het leed van al die kinderen voorkomen had kunnen worden als er iemand het lef had gehad om de kat de bel aan te binden.

We zijn nu 40 jaar en vele misbruikschandalen verder. Ik vraag mij wel eens af, zou dit nu ook nog voor kunnen komen? Ik maak mij geen illusies, roofdieren zijn van alle tijden, blindheid ook.

Erichem, 10 november 2017

Plaats een reactie